10 Bijbelse profetieën voor deze tijd – Deel 1

10 Bijbelse profetieën voor deze tijd – Deel 1

10 Bijbelse profetieën voor deze tijd – Deel 1 804 447 VISFER

Profetie No. 10:
We zien een toename in het bespotten van Bijbelprofetieën, en Christenen die verlangen naar, waken voor, klaar zijn voor de opname en de terugkeer van de Heer.

2 Petrus 3:3-7 Dit moet u allereerst weten, dat er in het laatste der dagen spotters zullen komen, die naar hun eigen begeerten zullen wandelen en zeggen: Waar is de belofte van Zijn komst? Want vanaf de dag dat de vaderen ontslapen zijn, blijven alle dingen zoals vanaf het begin van de schepping. Want willens en wetens is het hun onbekend dat door het Woord van God de hemelen er reeds lang geweest zijn, evenals de aarde, die uit water oprijst en in water vaststaat. Daardoor is de wereld die er toen was, vergaan, overspoeld door het water.  Maar de hemelen die er nu zijn, en de aarde, zijn door hetzelfde Woord als een schat weggelegd en worden voor het vuur bewaard tot de dag van het oordeel en van het verderf van de goddeloze mensen.

Profetie No. 9
We gaan een verwoesting zien van Damascus, Syrië. Dit is een profetie welke te lezen is in Jesaja 17:1 maar ook in Jeremia Hoofdstuk 49:23-27.

Jesaja 17:1 De last over Damascus. Zie, Damascus houdt op een stad te zijn, het zal een puinhoop worden, een ruïne.

Er moet worden opgemerkt dat sommigen geloven dat de gebeurtenissen van Jesaja 17 plaatsvonden in de 8e eeuw v. Chr. toen Assyrië, Syrië en Noord-Israël aanviel.  Echter, vers 1 zegt dat Damascus ophoudt een stad te zijn.  Dit niveau van verwoesting heeft nog niet plaatsgevonden.

Algemeen wordt aangenomen dat Damascus de oudste continu bewoonde stad ter wereld is, met bewijzen van bewoning die minstens 11.000 jaar teruggaan. Vandaag de dag is Damascus de zetel van de centrale regering en alle ministeries van de regering.

Vanaf 2018 is Damascus getuige geweest van herhaalde conflicten en wordt het door Mercer beschouwd als een van de meest ongunstige plaatsen om te wonen.  Jesaja 17 opent met de woorden “de last van Damascus”, wat aangeeft dat Damascus het onderwerp is van een lastige profetie. Ook andere plaatsen in Syrië zullen te maken krijgen met vernietiging, want Jesaja noemt “het overblijfsel van Syrië”.

Bij het conflict in Syrië, dat in 2011 begon, zijn al meer dan 500.000 mensen omgekomen.

(Gegevens van 14 mrt. 2020 Onder de doden zijn ongeveer 116.000 burgers, van wie 22.000 kinderen en 13.000 vrouwen. Meer dan elf miljoen mensen zijn ontheemd geraakt. Het conflict in Syrië is ingewikkeld. Het leger van president Bashar al-Assad vecht tegen verschillende rebellen en jihadistische groeperingen.)

Eind januari van dit jaar. Kinderen worden weggedragen na een explosie in de stad Azaz, in een door rebellen gecontroleerd gebied in de provincie Aleppo. Beeld AFP

Bron: Trouw –

Terug naar Syrië hoef ik nooit meer, maar ik zou nog wel een keer de geur van Damascus willen ruiken”, vertelde een Syriër, die inmiddels een succesvol restaurant in Duitsland runt, me vorige maand. Hij keek er een beetje dromerig bij.

Ik begrijp wat hij bedoelt. De geur van jasmijn die in het voorjaar overal in de warme lucht hangt, vermengd met de uitlaatgassen van de auto’s. De walm van de zoetige fruittabak die uit de waterpijpcafés opstijgt, samen met het geluid van de backgammonstenen die tikken op het bord. Dat is het Syrië dat ik me graag wil herinneren, het eerste beeld dat ik vormde toen ik er na mijn studie Arabisch naartoe verhuisde in 2010.

Maar dat beeld is verdrongen door de verwoesting, plundering en mensenrechtenschendingen van de afgelopen tien jaar. Op 15 maart 2011, maandag precies tien jaar geleden, gingen mensen in Damascus de straat op voor verandering. Het was het begin van een opstand, een mislukte revolutie, die veranderde in een bloedige burgeroorlog met een duizelingwekkend aantal spelers waarvan het einde nog steeds niet in zicht is. Vanaf het begin werd er door de troepen van president Bashar al-Assad op vreedzame demonstraties geschoten. Toen de oppositie zich bewapende en terugvocht, werden tanks ingezet die woonwijken beschoten. Soldaten gooiden uit helikopters vatbommen met explosieven op flatgebouwen. En er werden chemische wapens ingezet, waaronder sarin en chloor.

Na een decennium van oorlog zijn de statistieken grimmig. Ten minste een half miljoen mensen zijn dood, de Verenigde Naties zijn in 2014 gestopt met tellen. Zes miljoen mensen zijn gevlucht, van wie 80 procent in buurlanden zit. De kosten van de wederopbouw van de kapotte huizen, scholen en infrastructuur wordt geschat rond de 350 miljard euro.

De bombardementen echoden over de stad

Ik was getuige van het brute geweld dat president Assad inzette om in het zadel te blijven toen ik in 2018 terugkeerde naar Damascus voor een baan bij de VN. De bombardementen echoden over de stad. Het Syrische leger was hardhandig bezig de buitenwijken van de hoofdstad terug te winnen door middel van de tactiek van de verschroeide aarde.

Het regime omsingelde en belegerde gebieden door eten en medicijnen niet toe te laten, bombardeerde die vervolgens, en dwong de strijdende partijen zo tot overgave. De tactiek werd verpakt als ‘verzoening’. De mensen die niet terug durfden naar regeringsgebied werden geëvacueerd, maar feitelijk gedeporteerd, naar de rebellen-enclave rond Idlib, in het noorden van het land.

Op deze manier heeft Assad de afgelopen jaren grote delen van het land terugveroverd; hij heeft nu 65 procent van het land in handen. Die tactiek wordt voor mij belichaamd door die oude man in zijn groen geblokte hemd en een broek die omhooggehouden werd door een riem waar extra gaatjes in waren geprikt. Zijn jukbeenderen staken uit. De honger, die zou hij nooit vergeten. Hij had overleefd op linzen, soms een soep van gras. Hij had al vijf jaar geen vlees meer gegeten, en de laatste weken geschuild in een kelder voor de bombardementen.

Verwoesting was niet genoeg, overal werd schaamteloos geplunderd

Wat overblijft na zoveel geweld zijn eindeloze, grijze geraamtes van gebouwen die zich door het land uitstrekken van de zuidelijke stad Dera tot de noordelijke stad Aleppo. Ik schrok van de enorme schaal van de verwoesting toen ik door de puinhopen van Yarmouk liep, een wijk vlakbij de hoofdstad Damascus, nadat de regering het gebied weer had terugveroverd in het voorjaar van 2018. Als je goed keek zag je een muur versierd met stickers; sterren, een blauwe beer, een roze eend en een treinlocomotief. Die verraadden dat dit ooit een kinderkamer was, voordat de bombardementen de ramen deden springen, en uiteindelijk de hele voorgevel het begaf.

Verwoesting was overigens niet genoeg. Spullen die het geweld hadden overleefd werden schaamteloos geplunderd. Ik zag een soldaat met een gele bank achter op zijn motor bevestigd. Wekenlang krioelden zwarte rookpluimen omhoog en rook de lucht naar verbrand plastic; plunderaars verbrandden het plastic omhulsel van de koperen elektriciteitsdraden om die te kunnen verkopen. Maandenlang werden gebouwen systematisch leeggehaald, van de televisies en ijskasten tot de aluminium raamkozijnen en badkamertegels aan toe. Ik zag soldaten gestolen plastic en metaal wegen, ze betaalden per kilo. Als eigenaar sta je machteloos, merkte ik aan mijn collega’s wier huizen op deze manier werden leeggeroofd. Ze hadden zich er simpelweg bij neergelegd.

Vrouwen lopen door een zwaarbeschadigde wijk in Idlib, Syrië in maart vorig jaar. Beeld AP

Het Assad-regime beslist wie waar wat mag uitdelen

Ook de VN konden weinig; hulporganisaties opereren op uitnodiging van Damascus en onder strikte voorwaarden. Je uitspreken over dit soort misstanden en andere kritiek op het regime betekende dat datzelfde regime je de toegang kon ontzeggen tot gebieden waar je graag hulp wilde verstrekken. Het Assad-regime beslist wie waar wat mag uitdelen, zo merkte ik al snel. En in die belangenafweging was het verschaffen van hulp, zo goed en zo kwaad als het ging, belangrijker dan opkomen voor de rechten van Syriërs, aldus mijn baas. Het was een duivels dilemma, waar ik enorm mee worstelde. Wat is belangrijker? Recht doen aan humanitaire principes als onpartijdigheid of samenwerken met Assad om zo Syriërs toch van hulp te voorzien? Met name hulp geven in belegerde gebieden was vrijwel onmogelijk; van de schaarse hulpkonvooien die werden toegelaten werden bijvoorbeeld medicijnen en injectienaalden door soldaten van het regime geconfisqueerd.

Syriërs die terugkeren naar wat de regering ‘bevrijd’ gebied noemt, dienen weer gehoorzaam te zijn aan het regime dat hen jarenlang heeft uitgehongerd en gebombardeerd. Ik herinner me nog de haat in de ogen van de vrouw die sprak over de ‘honden’ die haar man hadden vermoord; hij was omgekomen in een bombardement. We moesten haar waarschuwen dat ze dit soort taal niet meer mocht gebruiken nu ze weer in regeringsgebied leefde; dat was gevaarlijk.

Voor je het weet word je gearresteerd door de geheime dienst en verdwijn je in een van de tientallen gevangenissen. Onderweg naar mijn favoriete falafelrestaurant rook ik opeens de geur van te veel lichamen op elkaar gedrukt, zweet en angst. Het kwam uit een doorsnee jaren-70-gebouw, met tralies voor de ramen en een videocamera gericht op de poort. Het was een van de geheime gevangenissen die alle Syriërs vrezen. Inmiddels zijn er meer dan 100.000 mensen verdwenen in dit soort gevangenissen, hun familie weet niet of ze nog leven. Een chauffeur vertelde me op gedempte toon over zijn verdwenen broer. Door een bemiddelaar om te kopen wist hij dat zijn broer werd vastgehouden in de meest beruchte gevangenis van Syrië. Op bezoek durfde de familie echter niet omdat ze bang waren dat zijn broer dan ‘bij wijze van betaling’ extra gemarteld zou worden. Duizenden zijn gestorven aan de folteringen die er plaatsvinden.

TIJDLIJN van de oorlog in Syrië

Maart 2011: De eerste grote demonstraties vinden plaats in verschillende Syrische steden. De komende maanden zullen die aanhouden en groeien. Politie en leger reageren met geweld, er vallen veel doden.

Juli 2011: Sommige legerofficieren deserteren en pakken de wapens op tegen de regeringstroepen. Ook steeds meer burgers plegen gewapend verzet.

Juli 2012: Rebellengroepen veroveren het oosten van Aleppo, de grootste stad van het land.

14 juli 2012: Het Rode Kruis bestempelt het conflict officieel als burgeroorlog.

21 augustus 2013: Gifgasaanval in de rebellenenclave Ghouta. Het geschatte dodental loopt uiteen van enkele honderden tot bijna tweeduizend slachtoffers.

29 juni 2014: De extremistische groepering IS roept het kalifaat uit. Op het hoogtepunt van de macht van IS omvat het kalifaat steden als het Syrische Raqqa en het Iraakse Mosul en Tikrit.

23 september 2014: Een internationale coalitie onder leiding van de VS voeren hun eerste luchtaanvallen uit in Syrië, gericht op IS-posities.

30 september 2015: Rusland voert voor de eerste keer luchtaanvallen uit, op posities van rebellengroepen.

December 2016: Regeringstroepen veroveren oost-Aleppo op de rebellen.

April-juli 2018 : De regeringstroepen heroveren de posities van de rebellen in de enclave van oost-Ghouta en in het zuidelijke Daraa.

27 oktober 2019 : Abu Bakr al-Baghdadi, de leider van IS, wordt gedood door Amerikaanse commando’s.

januari 2020: De Syrische en Russische luchtmacht voeren de bombardementen op Idlib – een enclave waar miljoenen Syriërs vastzitten- verder op.

14 februari 2020: De VN bestempelen de situatie in Idlib als de ergste humanitaire crisis sinds het begin van de oorlog.

24 februari 2021: In Duitsland wordt Eyad A., een oud-medewerker van de Syrische inlichtingendienst, veroordeeld voor medeplichtigheid aan misdaden tegen de menselijkheid. Het is de eerste keer dat iemand van het Assad-regime veroordeeld wordt voor gepleegde misdaden tijdens de oorlog.

21 Maart 2021: In Atareb, in het noordwesten van Syrië, is vandaag een ziekenhuis geraakt door artillerie van het regeringsleger. Daarbij kwamen minstens zes patiënten om het leven, waaronder een kind, en raakten zeker zeventien anderen gewond. Onder de gewonden bevinden zich ook medewerkers van het ziekenhuis.

31 maart 2021: Ontgoochelende donorconferentie voor Syrië: “Het geweld neemt af, het lijden neemt toe” 80 landen en organisaties hebben op een donorconferentie 5,4 miljard euro toegezegd voor hulp aan Syriërs die zwaar lijden onder de oorlog. Het doel was 8,5 miljard euro maar het lukte niet om het nodige geld samen te brengen. Vooral hulporganisaties reageren ontgoocheld: “Na 10 jaar oorlog is het geweld minder geworden, maar het lijden van de Syriërs neemt alleen maar toe”, zegt VN-coördinator Noodhulp Mark Lowcock. VRT NWS was de voorbije dagen in het zuiden van Turkije waar miljoenen Syriërs proberen om een nieuw leven op te bouwen.

02 april 2021: Koerdische strijdkrachten in Syrië hebben vrijdag bekendgemaakt tijdens een veiligheidsoperatie in het vluchtelingenkamp al-Hol 125 veronderstelde leden van terreurgroep Islamitische Staat (IS) te hebben gearresteerd. In het kamp hebben zich onlangs een serie moorden en veiligheidsincidenten voorgedaan. In Al-Hol verblijven ook nog enkele Nederlandse Syriëgangsters.

Mensen zijn moe van de oorlog

Het uitgebreide veiligheidsapparaat zorgt er weer voor dat niemand meer denkt aan een alternatief voor de huidige president. De samenleving is doordrongen van angst en uiteengereten door het heftige geweld dat buren, voetbalteams en familie uit elkaar heeft gedreven. De vraag hoe dit ooit weer goed komt wordt verdrongen door de dagelijkse strijd om te overleven. Mensen zijn moe van de oorlog, ze willen stabiliteit en dat het economisch weer wat beter gaat. Want het leven wordt alsmaar duurder en je geld minder waard. In 2010 wisselde ik een dollar in voor 50 Syrische ponden. Aan het begin van maart 2021 was de wisselkoers 1 tegenover ruim 500. Dat betekent dat Syriërs hun spaargeld hebben zien verdampen.

Naast ellende hoorde ik ook af en toe hoopvolle verhalen, verhalen over veerkracht, naastenliefde en creativiteit. Tienermeisjes die dagelijks langs gevaarlijke controleposten probeerden te komen om toch naar school te kunnen, en lesmateriaal deelden via WhatsApp. De kruidenier die de kinderen van een arme oorlogsweduwe af en toe snoepgoed toestopte. Of een koppel dat te midden van al deze ellende verliefd werd en trouwde. Ik sta elke dag nog versteld van de veerkracht die mensen hebben na zoveel jaren van onderdrukking en geweld.

12,4 miljoen mensen hebben honger

Hulporganisaties buitelen over elkaar heen in het verkondigen van de schaal van ellende. 13,4 miljoen Syriërs hebben een vorm van humanitaire hulp nodig, aldus de VN, bijna driekwart van de bevolking. 2,4 miljoen kinderen gaan niet naar school in Syrië, aldus Unicef. 80 procent van het land leeft in armoede. En 12,4 miljoen mensen hebben honger, het hoogste aantal sinds het begin van de oorlog tien jaar geleden, verkondigde het Wereld Voedsel Programma onlangs.

Sancties, corruptie en een economische crisis in buurland Libanon zorgen voor een economische malaise zonder einde in zicht. Boodschappen zijn alleen al het afgelopen jaar 236 procent duurder geworden. Mensen staan uren in de rij voor gesubsidieerd brood. En voor diesel om hun huis te verwarmen. En voor gas om op te koken.

‘Vier seizoenen in Damascus, verslag van een land in oorlog’, door Fernande van Tets

‘Assad de overwinnaar’ staat er op posters van de president die overal in Damascus hangen. Ook in Syrië zijn binnenkort verkiezingen. Over iets meer dan een maand zal president Bashar al-Assad worden verkozen voor een vierde termijn van zeven jaar. Het Syrische volk heeft alleen maar verloren.

Israël eist actie van VN-Veiligheidsraad tegen Iraanse aanwezigheid in Syrië

Door: ELKAN VAN DER RAAF / 25 nov 2020

Israël wil dat de VN-veiligheidsraad actie neemt tegen de Iraanse aanwezigheid in Syrië. Ondertussen treedt Israël zelf op tegen de Iraanse ingraving: in de nacht van dinsdag op woensdag vonden bombardementen plaats in Zuid-Syrië.

Dinsdag eiste Israëls ambassadeur bij de VN Gilad Erdan actie tegen de Iraanse aanwezigheid in Syrië. Aanleiding voor zijn oproep zijn de recente vondsten van explosieven in het grensgebied van Israël en Syrië. Volgens de IDF zit een eenheid van de Quds-macht achter het leggen van de explosieven. De Quds-macht is de divisie van de Iraanse Revolutionaire Garde die regionale bondgenoten zoals de Libanese Hezbollah, de Houthi-rebellen in Jemen en volksmilities in Irak trainen en bewapenen.

Het Syrische gebied, inclusief het scheidingsgebied zoals afgesproken in het terugtrekkingsakkoord, wordt misbruikt door vijandige elementen – zo schrijf Erdan aan de Veiligheidsraad. “Het Syrische regime blijft Iran en diens proxies toestaan gebruik te maken van zijn grondgebied, met inbegrip van militaire faciliteiten en infrastructuur, waarmee zij zich ingraven in Syrië en pogingen ondermijnen regionale stabiliteit in de regio te bewaren”.

De Israëlische ambassadeur waarschuwt dat de Iraanse activiteiten tot een serieuze escalatie in de regio kunnen leiden. Dit vormt niet alleen een gevaar voor de Israëlische burgerbevolking, zo stelt Erdan, maar ook voor het VN-personeel op de grond. In de regio zijn verschillende VN-machten aanwezig, waaronder UNIFIL dat in het zuiden van Libanon moet toezien op de ontwapening van Hezbollah en UNDOF dat observeert of Israël en Syrië zich aan het in 1974 gesloten terugtrekkingsakkoord houden.

Israël verwacht een grondig onderzoek door UNDOF naar de recente incidenten met explosieven in het grensgebied. Daarnaast roept Jeruzalem op tot een snelle terugkeer van UNDOF naar al haar posities en dat het al haar activiteiten hervat. In 2014 verlieten VN-soldaten in de bufferzone hun posten na gijzelingen en omsingelingen door Syrische rebellen. Eén van deze basissen is zelfs in bezit genomen door een aan Assad loyale militie. De terugkeer van UNDOF is nog altijd niet compleet naar de situatie van voor de Syrische burgeroorlog. Ambassadeur Erdan roept de VN-Veiligheidsraad op de “herhaalde gevaarlijke acties” te veroordelen en eist een volledige terugtrekking van Iran en diens proxies uit Syrië.

Iran: ‘ons antwoord zal verpletterend zijn’

Iran ontkent dat het zich ingraaft in Syrië. Vorige week stelde het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken dat de Islamitische Republiek alleen een “adviserende rol” in Syrië speelt. “Vanzelfsprekend als wie dan ook deze adviserende aanwezigheid verstoort, zal ons antwoord verpletterend zijn”, aldus een woordvoerder van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken.

De woordvoerder deed de uitspraak naar aanleiding van de vergeldingsaanval die de Israëlische luchtmacht had uitgevoerd naar aanleiding van de aangetroffen explosieven in het grensgebied. Meerdere gebouwen van de Iraanse Revolutionaire Garde in Syrië werden toen getroffen door de IAF. Daarnaast is ook een Syrische legerbasis gebombardeerd. Syrische luchtafweer kwam in actie tegen de Israëlische vliegtuigen, waarop ook deze posities zijn getroffen. Een boodschap tegen Iraanse ingraving, aldus een woordvoerder van de IDF.

Het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken beweert dat het tijdperk van hit and run aanvallen voorbij is, en Israël daarom “zeer voorzichtig” is geworden.

In de nacht van dinsdag op woensdag heeft naar verluidt weer een Israëlische aanval plaatsgevonden in het zuiden van Syrië. Verschillende posities ten zuiden van Damascus en in Quneitra – wat vlak bij de grens met de Israëlische Golan ligt – zouden zijn getroffen. Getuigen in Israël konden een aantal van de explosies zijn. Secundaire ontploffingen suggereren dat onder andere wapenopslagplaatsen het doelwit waren.

Jeremia 49:23-27  Over Damascus.
Hamath en Arpad staan beschaamd. Omdat zij een slecht bericht hebben gehoord, smelten zij weg. Bij de zee is bezorgdheid, men kan niet tot rust komen. Damascus heeft de moed verloren, het keert zich om om te vluchten, siddering heeft het aangegrepen, benauwdheid en weeën hebben het aangegrepen als een barende vrouw. Hoe is de stad van de roem verlaten, de stad van mijn vreugde! Daarom zullen haar jongemannen vallen op haar pleinen en alle strijdbare mannen zullen op die dag verdelgd worden, spreekt de HEERE van de legermachten. Ik zal een vuur aansteken binnen de muren van Damascus; dat zal de paleizen van Benhadad verteren.