Heb JIJ een antwoord? (Deel 13 van ….)

Heb JIJ een antwoord? (Deel 13 van ….)

Heb JIJ een antwoord? (Deel 13 van ….) 449 218 VISFER

Vandaag leven we in een tijd waarin we beginnen getuige te zijn van een opleving van de islam.

Dit is iets wat Hiliare Belloc, de grote Engelse historicus van de 20e eeuw, profetisch stelt in zijn werk “De grote ketterijen”. In dit boek, dat is geschreven in de late jaren 1930, verklaart hij: “Miljoenen moderne mensen van de blanke beschaving — dat wil zeggen, de beschaving van Europa en Amerika — hebben alles vergeten over de islam. Ze zijn er nooit mee in contact gekomen. Ze nemen voor waar aan dat het uitgehold is, en dat het, hoe dan ook, gewoon een buitenlandse religie is die hen niet zal aangaan. Maar het is in feite de meest geduchte en permanente vijand die onze beschaving ooit heeft gehad, en het kan op elk moment net zo’n grote bedreiging worden in de toekomst als het is geweest in het verleden. De suggestie dat de islam opnieuw opkomt, klinkt als fantasie, maar dit komt slechts omdat mensen altijd krachtig worden beïnvloed door het directe verleden: men zou kunnen zeggen dat ze daardoor verblind zijn.”

Vervolg – Deel 1, Deel 2, Deel 3, Deel 4, Deel 5, Deel 6, Deel 7 , Deel 8, Deel 9 , Deel 10, Deel 11 en Deel 12

Een nogmaals korte geschiedenis van de islam.

Het is een feit dat de meeste mohammedanen zich voornamelijk in het Verre Oosten bevinden en dat die mensen bekend staan als de hedendaagse “Arabieren”. Vanuit hen wordt de islamitische godsdienst verspreid, en de afstammelingen zijn van Ismaël, de zoon van Abraham, die werd geboren uit de slavin Hagar tegen wie God zei dat Hij haar zaad zou vermenigvuldigen. Dit is de reden waarom Ismaël wordt erkend als een profeet in de islamitische godsdienst (hij wordt geplaatst na Abraham maar vóór Izak).

Deze zonen van Hagar woonden op het Arabische schiereiland en werden grofweg verdeeld tussen een nomadische en een meer of minder stedelijke oase-cultuur.

Het aspect van een stammen-maatschappij in het pre-islamitische Arabië verklaart veel van de dingen die vandaag de dag in de islam kunnen worden gevonden. Bijvoorbeeld, het is perfect in overeenstemming met de Arabische moraal om overvallen te plegen op andere stammen en rijkdom, vrouwen en slaven te verkrijgen, en dus waren de stammen voortdurend in oorlog met elkaar. Deze woestijn-stammen leefden met de code “oog om oog” en tand om tand. Altijd werd er wraak genomen als er ook maar iets werd gedaan als het kwetsen van een lid van de stam. Mensen werden gedwongen tot slavernij, of het ontvoeren van vrouwen en hen in een harem vasthouden, en verkrachting was toegestaan en gepast.

​Dit harde Arabische klimaat produceerde een harde stammen-maatschappij waarin geweld de norm was. En geweld is nog steeds een kenmerk van de islamitische samenleving.

De Arabische bevolking was polytheïstisch georiënteerd. De mannelijke en vrouwelijke geesten huizen in bomen, stenen, rivieren en bergen, en dus hebben ze diverse aantallen “goden” aanbeden. Heilige magische stenen werden verondersteld de stammen te kunnen beschermen. De stam van Quraysh had een zwarte steen aangenomen als hun magische steen en in de Ka’bah opgesteld. Deze magische zwarte steen werd gekust door mensen op hun pelgrimstocht als ze de Ka’bah kwamen aanbidden. Het is ongetwijfeld een asteroïde/meteoriet die uit de hemel is gevallen en wordt dus gezien als goddelijk op een bepaalde manier.

De Quraysh stam (Mohammeds stam) was een van de grotere en belangrijkere stammen. Die was dus daar waar een afgod stond voor elke religie in een heidense tempel, genaamd de Ka’bah (een andere versie daarvan is het Romeinse Parthenon – een tempel gewijd aan de goden). Het woord Ka’bah is Arabisch voor “kubus” en verwijst naar de vierkante stenen tempel in Mekka waar de afgoden worden aanbeden. De Ka’bah is een kubusvormige constructie die ongeveer 15 meter hoog is met zijden van ongeveer 12 meter breed, als een lege, vensterloze kamer met marmeren muren.

​Deze tempel bevatte een virtuele verzameling van afgoden, met iets voor iedereen. Tenminste 360 goden waren er vertegenwoordigd in de Ka’bah, en een nieuwe kon worden toegevoegd als er soms een vreemdeling naar de stad kwam en had gezocht naar de eigen “god” als aanvulling op het aantal dat al was vertegenwoordigd om te aanbidden. Deze Kabah zal later een belangrijke rol gaan spelen in de islam, omdat door middel van deze Ka’bah Mohammed zal beweren dat dit de bewijzen zijn voor het apostolische karakter van zijn godsdienst, door simpelweg te zeggen dat Abraham en Ismaël de Ka’bah hadden gebouwd, hoewel er geen historisch bewijs is dat Abraham of Ismaël ooit in Mekka zijn geweest.

Het begin van de islam.

De grondlegger van de islam is Mohammed (570-632 n.C.). Mohammeds vader stierf voordat hij werd geboren, en zijn moeder stierf terwijl hij nog jong was. Hij was weggestuurd om te leven bij zijn rijke grootouders, die hem later naar een rijke oom stuurden, die hem op zijn beurt weer overgaf aan een arme oom, die hem opvoedde zo goed als hij kon.

De Quarish-stam waartoe Mohammed behoorde, had zich gevestigd in het zuiden van Hijas (Hedjaz), in de buurt van Mekka, het belangrijkste religieuze en commerciële centrum van Arabië ten tijde van Mohammed. Zij waren de meesters en de erkende hoeders geworden van de heilige Ka’aba, binnen de stad Mekka — die werd bezocht bij een jaarlijkse bedevaart door de heidense Arabieren met hun gaven en eerbetoon — en had daardoor zo’n superioriteit gekregen dat het voor Mohammed relatief eenvoudig was om zijn religieuze hervorming en zijn politieke campagne in te voeren, die eindigde met de verovering van heel-Arabië en de fusie van de talrijke Arabische stammen in één natie, één godsdienst, één code en één heiligdom.

Volgens de biografen en de vroege islamitische tradities stierf Mohammeds moeder toen hij een kleine jongen was en dus werd hij opgevoed door zijn oom Abu Talib die hem opvoedde als een heiden en introduceerde hem in de handel, maar over het geheel genomen is er zeer weinig bekend over zijn vroege leven, vooral omdat hij gewoon een normale Arabische jongen was die genoot van praten met iedereen die in de karavaan meereisde. Hij hield ervan om de woestijn en met name de grotten te verkennen. Volgens de vroege islamitische tradities kreeg de jonge heidense Mohammed verschillende visioenen in sommige van de grotten waar hij inging.

Hij trouwde op de leeftijd van 25 jaar met een rijke vrouw met de naam Cadijah, die handelde in kamelen waar hij het toezicht op had. Ze was zo’n vijftien jaar ouder dan hijzelf, maar het was door dit huwelijk dat hij juist meer met het christendom kennismaakte dan bij zijn oom (Zayd), omdat zijn vrouw een nestoriaanse christin was die hem berispte voor het aanbidden van afgoden en hem in dit geloof inwijdde. In feite heeft vader Nicholas van Cusa, een bekend theoloog en filosoof uit de vijftiende eeuw, een andere Arabier geciteerd in zijn werk “Een toetsing van de Koran”, die stelde dat Mohammed werd beïnvloed door Sergius, een Nestoriaanse monnik, waarschijnlijk omdat de regio en de meeste omliggende en naaste steden waar Mohammed heeft geleefd, in zekere mate het christendom had geaccepteerd in één of andere vorm.

Niettemin, op de leeftijd van 40 jaar kreeg Mohammed (in 610) opnieuw de ervaring van visioenen. Deze keer beweerde hij dat Allah hem als een profeet (nabi) en een apostel (rasul) had benoemd.

Mohammed heeft aanvankelijk zijn roeping alleen gedeeld met familie en vrienden in het geheim. Inderdaad, zijn eerste bekeerlingen waren enige leden van zijn eigen familie. Maar zijn boodschap werd al snel openbaar en hij werd onderworpen aan spot en vijandigheid van de bevolking in het algemeen en zelfs door leden van zijn eigen familie.

Duivelsverzen.

Om zijn heidense familieleden en de leden van de Quraysh stam te kalmeren, besloot hij dat het beste wat hij kon doen, was toegeven dat het volkomen juist was om te bidden tot en het aanbidden van de drie dochters van Allah: Al-Lat, Al-Ussa en Manat! Dit leidde tot de beroemde “satanische verzen” waarin Mohammed in een moment van zwakte en vermoedelijk onder de inspiratie van Satan, is bezweken voor de verleiding om de heidense menigte in Mekka te kalmeren (Sura 53:19).

Muhammad vluchtte uiteindelijk naar Medina in 622 n.C. Dit evenement is door de moslims de hejira genoemd en markeert het begin van het islamitische tijdperk en de kalender. Met andere woorden, het jaar 622 is het jaar 1 op de islamitische kalender.

Terwijl hij in Medina was, plande Mohammed de verspreiding en de organisatie van zijn nieuwe religie. De enige krachtige methode die hij kon gebruiken was die van geweld in de naam van Allah – de jihad. Deze jihad was zo succesvol, ondanks veel oppositie, dat bij Mohammeds dood in 632 de helft van de Arabische wereld moslim was geworden. En in 750 was het moslims gelukt het Perzische rijk en grote delen van het Byzantijnse Rijk te veroveren.

Door het lezen van de Koran zou niemand veronderstellen dat een enorm aantal Arabieren christenen waren. Hoewel de mensen van de Hijas voornamelijk heidenen waren, hadden veel van de omringende stammen het christendom aanvaard. Er waren ook sommige leden van de Quraysh stam die het christendom hadden aanvaard, maar ze waren over het algemeen met te weinig. Maar langs de Middellandse Zee was het christendom reeds volledig gevestigd. In feite is er gemeld dat wanneer in het jaar 630 Mohammed Mekka in triomf binnenkwam, de schiderijen van Jezus en de Maagd Maria, onder andere, nog steeds zichtbaar waren aan de binnenmuren van de Ka’bah.

De komende invasie in Europa.

De betekenis van ‘islam’.

Dit woord is een Arabisch woord, wat oorspronkelijk bedoeld was als een kenmerk van mannelijkheid, en dat het iemand beschreef die heroïsch en dapper was in de strijd. Hoewel de meeste uitleggers zullen over het algemeen dit woord uitleggen in de betekenis van ‘onderwerping’, zoals de moslims het vandaag begrijpen. De meeste moslim apologeten zullen zelfs zo ver gaan dat ze zeggen dat de originaliteit van deze naam een teken is van een goddelijke oorsprong van de islam en dat het een duidelijke indicatie is dat allen moslims moeten worden, aangezien het aan elke gelovige duidelijk is dat we ons moeten “onderwerpen aan Allah”.

(info: www.wimjongman.nl)