Hebreeuwse namen voor God – de heilige Geest

De Hebreeuwse namen en titels voor God de Heilige Geest, Ruach Hako’desh, zoals deze gevonden worden in de Brit Chadashah (Nieuwe Testament). Ze staan in alfabetische volgorde, met de Hebreeuwse spelling, gemeenschappelijke transliteratie en Engelse fonetiek. Voor elke naam een aantal bijbelverwijzingen.


Ha-Melitz (ham-me-LEETS) – Comforter – Helper

Johannes 14:15-17 Als u Mij liefhebt, neem dan Mijn geboden in acht. En Ik zal de Vader bidden, en Hij zal u een andere Trooster geven, opdat Hij bij u blijft tot in eeuwigheid, namelijk de Geest van de waarheid, Die de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet Hem niet en kent Hem niet, maar u kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn. Ik zal u niet als wezen achterlaten; Ik kom weer naar u toe”.

G3875 – παράκλητος – an intercessor, consoler – een bemiddelaar, raadsman – De Nederlandse vertalingen geven over het algemeen de woorden trooster of helper weer. De vertaling van Prof. Brouwer *) geeft raadsman. De beste vertaling in deze ís raadsman aangezien de aanklager, Hasatan, ons aanklaagt en Yeshua, krachtens de autoriteit door de Vader gegeven, onze raadsman is onze advocaat.

*) Annéus Marinus Brouwer (Langowan, Nederlands-Indië, 16 december 1875 – Zeist, 13 mei 1948) was een Nederlands theoloog en nieuwtestamenticus.

Johannes 14:26Maar de Trooster, de heilige Geest, Die de Vader zenden zal in Mijn Naam, Die zal u in alles onderwijzen en u in herinnering brengen alles wat Ik u gezegd heb“.

Johannes 15:26 “Maar wanneer de Trooster is gekomen, Die Ik u zenden zal van de Vader, de Geest van de waarheid, Die van de Vader uitgaat, zal Die over Mij getuigen“.

Geest van de waarheid G4151,3588,225

G4151 – πνεῦμα – a current of air, i.e. breath (blast) or a breeze; by analogy or figuratively, a spirit, i.e. (human) the rational soul, (by implication) vital principle, mental disposition, etc., or (superhuman) an angel, demon, or (divine) God, Christ’s spirit, the Holy Spirit.

In het Hebreeuws is het woord Geest – Ruach en valt onder Strongs H7307 – éénmalig uitgebreid hier beschreven om verschil Grieks en Hebreeuws aan te geven

  1. Wind, breath, mind, spirit
    1. Breath
    2. Wind
      1. of heaven
      2. quarter (of wind), side
      3. breath of air
      4. air, gas
      5. vain, empty thing
    3. spirit (as that which breathes quickly in animation or agitation)
      1. spirit, animation, vivacity, vigour
      2. courage
      3. temper, anger
      4. impatience, patience
      5. spirit, disposition (as troubled, bitter, discontented)
      6. disposition (of various kinds), unaccountable or uncontrollable impulse
      7. prophetic spirit
    4. spirit (of the living, breathing being in man and animals)
      1. as gift, preserved by God, God’s spirit, departing at death, disembodied being
    5. spirit (as seat of emotion)
      1. desire
      2. sorrow, trouble
    6. spirit
      1. as seat or organ of mental acts
      2. rarely of the will
      3. as seat especially of moral character
    7. Spirit of God, the third person of the triune God, the Holy Spirit, coequal, coeternal with the Father and the Son
      1. as inspiring ecstatic state of prophecy
      2. as impelling prophet to utter instruction or warning
      3. imparting warlike energy and executive and administrative power
      4. as endowing men with various gifts
      5. as energy of life
      6. as manifest in the Shekinah glory
      7. never referred to as a depersonalised force

 

G225 – ἀλήθεια – truth

 


Ruach OlamEternal Spirit

Want als het bloed van stieren en bokken en de as van de jonge koe, op de verontreinigden gesprenkeld, hen heiligt tot reinheid van het vlees, hoeveel te meer zal het bloed van Christus, Die door de eeuwige (G166) Geest Zichzelf smetteloos aan God geofferd heeft, uw geweten reinigen van dode werken om de levende God te dienen! En daarom is Hij de Middelaar van het nieuwe testament, opdat, nu de dood heeft plaatsgevonden tot verzoening van de overtredingen die er onder het eerste verbond waren, de geroepenen de belofte van de eeuwige erfenis ontvangen.

G166 – αἰώνιος – eeuwigdurend (ook gebruikt van verleden tijd, of verleden en toekomst ook)

Hebreeën 10:26-31; “Want als wij willens en wetens zondigen, nadat wij de kennis van de waarheid ontvangen hebben, blijft er geen slachtoffer voor de zonden meer over, maar slechts een verschrikkelijke verwachting van oordeel en verzengend vuur, dat de tegenstanders zal verslinden. Als iemand de wet van Mozes tenietgedaan heeft, moet hij sterven zonder barmhartigheid, op het woord van twee of drie getuigen. Hoeveel te zwaarder straf, denkt u, zal hij waard geacht worden die de Zoon van God vertrapt heeft en het bloed van het verbond, waardoor hij geheiligd was, onrein geacht heeft en de Geest van de genade gesmaad heeft? Wij kennen immers Hem Die gezegd heeft: Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden, spreekt de Heere. En verder: De Heere zal Zijn volk oordelen. Vreselijk is het te vallen in de handen van de levende God“.

Deze verzen gaan over diegenen die in aanraking zijn komen met het evangelie, ze worden dan ook in vers 19 aangesproken met: “Omdat wij nu, broeders, vrijmoedigheid hebben om in te gaan in het heiligdom door het bloed van Yeshua, langs een nieuwe en levende weg, die Hij voor ons heeft ingewijd door het voorhangsel, dat is door Zijn vlees, en omdat wij een grote Priester hebben over het huis van God, laten wij tot Hem naderen met een waarachtig hart, in volle zekerheid van het geloof, nu ons hart gereinigd is van een slecht geweten en ons lichaam gewassen is met rein water.Verder wordt er gezegd: Laten wij op elkaar letten door elkaar aan te vuren tot liefde en goede werken. Laten wij de onderlinge bijeenkomst niet nalaten, zoals het bij sommigen de gewoonte is, maar elkaar aansporen, en dat zoveel te meer als u de grote dag ziet naderen“.

Je zou bijna denken dat hier tegen de gemeente in deze tijd gesproken wordt. De bijeenkomsten in deze brief waren Joden die de Messias hadden aangenomen, Messias belijdende Joden en voor hun bekering de wetten van Mozes onderhielden. (Het waren dus geen geroepenen uit de heidenen)

Vers 26: “Zij zouden moeten erkennen zondaar te zijn en het reddende bloed van de Here Jezus nodig te hebben, maar zij nemen het niet aan, daarom worden ze wederspannigen genoemd” in vers 27.Zij verzetten zich tegen hun bekering en daarmee zetten zij Gods Zoon aan de kant” (vers 29).

Ruach Ha-KodeshHoly Spirit; the holy Ghost

 

(Occurs more than 90 times in the Brit Chadashah. Note that kodesh is an adjective meaning holy that agrees with the noun it modifies. The accent is milel – on the first syllable after the article (as opposed to milra – accent on penultimate syllable).

Note: HaKadosh is a substantive that means “The Holy One” (as in Ha-Kadosh baruch hu, “the Holy One, blessed be He”). The accent falls at the end: ha-ka-DOSH.
Ruach HaKadosh would mean “the Spirit of the Holy One” (as in a saint).
It is NOT used for the Holy Spirit… Ruach HaKo’desh means “the Holy Spirit,” just like har ha-ko’desh means “the holy mountain,” admat ha-ko’desh means “the holy land,” ir ha-ko’desh means “the holy city,” and so on.

HaKadosh Baruch Hu = The Holy One, Blessed Be He.

Volgens Jewish/English Lexicon is er geen verschil tussen HaKadosh en HaKadesh.

Lukas 3:16; “Ik doop u wel met water, maar Hij komt Die sterker is dan ik, bij Wie ik niet waard ben de riem van Zijn sandalen los te maken. Hij zal u dopen met de heilige Geest en met vuur“.

Lukas 11:13Als u die slecht bent, uw kinderen dus goede gaven weet te geven, hoeveel te meer zal de hemelse Vader de heilige Geest geven aan hen die tot Hem bidden”?

Efeziërs 1:13; “In Hem bent ook u, nadat u het Woord van de waarheid, namelijk het Evangelie van uw zaligheid, gehoord hebt; in Hem bent u ook, toen u tot geloof kwam, verzegeld met de Heilige Geest van de belofte“,

Efeziërs 4:30 “En bedroef de heilige Geest van God niet, door Wie u verzegeld bent tot de dag van de verlossing”.

1 Thessalonicenzen 4:8Daarom, wie dit verwerpt, verwerpt niet een mens, maar God, Die ook Zijn heilige Geest in ons heeft gegeven“.

Titus 3:4,5; “Maar toen de goedertierenheid van God, onze Zaligmaker, en Zijn liefde tot de mensen verschenen is, maakte Hij ons zalig, niet op grond van de werken van rechtvaardigheid die wij gedaan hadden, maar vanwege Zijn barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en de vernieuwing door de heilige Geest”.

1 Korinthe 6:11; Sommigen van u zijn dat wel geweest, maar u bent schoongewassen, maar u bent geheiligd, maar u bent gerechtvaardigd, in de Naam van de Heere Jezus en door de Geest van onze God.

1 Korinthe 6:19,20 Of weet u niet, dat uw lichaam een tempel is van de heilige Geest, Die in u is en Die u van God hebt ontvangen, en dat u niet van uzelf bent? U bent immers duur gekocht. Verheerlijk daarom God in uw lichaam en in uw geest, die van God zijn.

Judas 1:20; Maar u, geliefden, bouw uzelf op in uw allerheiligst geloof en bid in de heilige Geest,

Handelingen 5:3-4; En Petrus zei: Ananias, waarom heeft de satan uw hart vervuld, zodat u gelogen hebt tegen de Heilige Geest en een deel achtergehouden hebt van de opbrengst van het stuk grond? …. U hebt niet tegen mensen gelogen, maar tegen God.

You lie to the Ruach HaKodesh …. You lie …. To God. Hier wordt de Geest geïdentificeerd als Gods Geest) – But Kefa [pebble] said, Ananias, why has Satan [the adversary] filled your heart to lie to the Holy Spirit [Ruach HaKodesh], and to keep back [part] of the price of the land? Act 5:4 Whiles it remained, was it not your own? and after it was sold, was it not in your own power? why have you conceived this thing in your heart? you have not lied unto men, but unto God-The Father.

Handelingen 2:4 En zij werden allen vervuld met de heilige Geest en begonnen te spreken in andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken.

Kodesh – Heilig – H6942 – a sacred place or thing; rarely abstractly sanctity.

Kodesh HaKadashim -The Holy of Holies – Het Heilige der Heilige.

 

Ruach Ha-Kodesh of anders geschreven Roeach Hakodesj (Hebreeuws: שדוקה חור, Heilige Geest) is een Hebreeuwse aanduiding voor God of voor Goddelijke inspiratie. Een synoniem hiervan is Roeach Elohim, ‘de adem van God’, waarvan ook de naam Rachel direct is afgeleid. ‘Hakodesj’ betekent ‘(van) het heiligdom’.

Roeach Hakodesj wordt op drie plaatsen in de Tenach genoemd: Psalm 51:11 en tweemaal in Jesaja 63:10-11. Als bron van inspiratie rustte die bijvoorbeeld op Mozes, diverse richters en op de Joodse profeten. De term wordt ook gebruikt voor de Goddelijke inspiratie die grote Rabbijnen zouden beleven wanneer zij ingrijpende beslissingen ten aanzien van de halacha namen/nemen.

 

In andere contexten, kan Heilige Geest verwijzen naar de goddelijke kracht, de kwaliteit en de invloed van God over het universum of Zijn schepselen.

Even terug naar Jesaja 63:10-11; Zíj daarentegen zijn ongehoorzaam geworden en hebben Zijn Heilige Geest bedroefd. Daarom is Hij voor hen veranderd in een vijand (Klaagliederen 2:5), Hij Zelf heeft tegen hen gestreden. Toch dacht Hij aan de dagen vanouds, aan Mozes (Num. 14:11), aan Zijn volk. Maar nu, waar is Hij Die hen deed opgaan uit de zee met de herders van Zijn kudde, waar is Hij Die Zijn Heilige Geest in hun midden stelde ….

CJB; However they rebelled, they grieved his Holy Spirit; so he became their enemy, and himself fought against them. But then his people remembered 1) the days of old, the days of Moshe: Where is he who brought them up from the sea with the shepherds 2) of his flock? Where is he who put his 3) Holy Spirit right there among them …

  1. remembered–Notwithstanding their perversity, He forgot not His covenant of old; therefore He did not wholly forsake them (Lev 26:40-42, 44, 45 Psa 106:45, 46); the Jews make this their plea with God, that He should not now forsake them.
  2. shepherd--Moses; or if the Hebrew be read plural, “shepherds,” Moses, Aaron, and the other leaders (so Psa 77:20).
  3. put . . Spirit. . . within him–Hebrew, “in the inward parts of him,” that is, Moses; or it refers to the flock, “in the midst of his people” (Num 11:17, 25 Neh 9:20 Hag 2:5).

Mattheus 3: In die dagen trad Johannes de Doper op en hij predikte in de woestijn van Judea, en zei: Bekeer u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen…...en zij werden door hem gedoopt in de Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden…. Ik doop u wel met water tot bekering, maar Hij Die na mij komt, is sterker dan ik; ik ben het niet waard Hem Zijn sandalen na te dragen. Hij zal u dopen met de Heilige Geest en met vuur.

The KJV translates Strong’s H6963 in the following manner: voice (383x), noise (49x), sound (39x), thunder (10x), proclamation (with H5674) (4x), send out (with H5414) (2x), thunderings (2x), fame (1x), miscellaneous (16x).

Exodus 19:11, 16Op de derde dag zal de HEERE namelijk voor de ogen van heel het volk neerdalen op de berg Sinaï…. En het gebeurde op de derde dag, toen het morgen werd, dat er op de berg donderslagen H6963, bliksemflitsen H1300 en een zware wolk waren, en zeer sterk bazuingeschal, zodat al het volk dat in het kamp was, beefde.

Genesis 3:8 (stem) En zij hoorden de stem H6963 van de HEERE God, Die in de hof wandelde, bij de wind in de namiddag. Toen verborgen Adam en zijn vrouw zich voor het aangezicht van de HEERE God te midden van de bomen in de hof.

Genesis 3:10 (stem) Ik hoorde Uw stem H6963 in de hof en ik werd bevreesd, want ik ben naakt; daarom verborg ik mij.

Genesis 3:17 (stem) En tegen Adam zei Hij: Omdat u geluisterd hebt naar de stem H6963 van uw vrouw en van die boom gegeten hebt waarvan Ik u geboden had: U mag daarvan niet eten,

1 Koningen 1:40-41 (noise or sound) En achter hem trok heel het volk de stad binnen. Het volk blies op fluiten en verblijdde zich ten zeerste, zodat de aarde opengespleten werd door hun geluid H6963. Adonia hoorde het, en al de genodigden die bij hem waren, toen zij klaar waren met eten. Ook Joab hoorde het geluid H6963 van de bazuin en zei: Waarom is de stad in rep en roer H6963? Laatste zin in de grondtekst: welke reden van geluid de ommuurde stad rumoer makende – Wat is de reden van het geluid in de ommuurde stad.

Exodus 20: 18-20 En heel het volk was getuige van de donderslagen H6963, de bliksems H3940 (Grondtekst fakkels), het bazuingeschal en de rokende berg. Toen het volk dit zag, sidderden zij en bleven op een afstand staan.

Zij zeiden tegen Mozes: Spreekt ú met ons, dan zullen wij luisteren, maar laat God niet met ons spreken, anders sterven wij. Mozes zei tegen het volk: Wees niet bevreesd, want God is gekomen om u op de proef te stellen en opdat de vreze voor Hem u voor ogen staat, opdat u niet zondigt.

Joodse school leert dat (staat niet in de Bijbel dus) dat eenieder daar aanwezig aan de voet van de berg, God in zijn eigen taal hoorde. (Handelingen 2 was nog niet gepasseerd)

En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen eensgezind bijeen. En plotseling kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en dat vervulde heel het huis waar zij zaten. En aan hen werden tongen als van vuur gezien, die zich verdeelden, en het zat op ieder van hen. En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en begonnen te spreken in andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken.

Handelingen 2:2,3 En plotseling kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en dat vervulde heel het huis waar zij zaten.  En aan hen werden tongen als van vuur gezien, die zich verdeelden, en het zat op ieder van hen. En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en begonnen te spreken in andere talen, zoals de Geest (the Ruach HaKodesh) hun gaf uit te spreken.

In Tanakh times certain individuals had the Holy Spirit “in” or “with” them (Yn 14:17N); here he fills them all, bringing to pass what Moshe had prayed for long ago, that Adonai would put his Spirit on all his people (Numbers 11:29), and fulfilling Yeshua’s promise (Lk 24:49; Yn 14:16, 20:22; Ac 1:8).Roar of a violent wind…. tongues of fire which separated. God emphasized the connection between the Torah and the Roach HaKodesh by giving both with similar miraculous signs. The roar and fire in Jerusalem recalled the fire, smoke and sounds at Sinai (Exodus 19:18-19, Deuteronomy 5:22-24). However, instead of God’s people being kept away, God’s glory, represented by the tongues of fire, came to each individual.

Deuteronomium 5:22-24 Deze woorden (ﬨﬡ) sprak de HEERE tot heel uw gemeente, op de berg, vanuit het midden van het vuur (H784), de wolken (H6051) (grondtekst: de wolk) en de donkerheid (H6205) (grondtekst: de mistige donkerheid), met luide stem; Hij voegde er niets aan toe. Hij schreef ze op twee stenen tafelen en gaf ze aan mij. En het gebeurde, toen u die stem (ﬨﬡ) vanuit het midden van de duisternis hoorde en de berg van (grondtekst vermeld verterende vuur) vuur brandde, dat u naar voren kwam, naar mij toe, al uw stamhoofden en uw oudsten. En u zei: Zie, de HEERE, onze God, heeft ons Zijn heerlijkheid (ﬨﬡ) en Zijn grootheid laten zien en wij hebben Zijn stem gehoord vanuit het midden van het vuur (H784) ; vandaag hebben wij gezien dat God met de mens (ﬨﬡ) spreekt en dat deze in leven blijft.

Wat er in Handelingen gebeurde en in Exodus, was om het volk, de mens Zijn almacht te tonen, te laten zien wie Hij is, opdat ze niet meer zouden zondigen. “Wees niet bevreesd, want God is gekomen om u op de proef te stellen en opdat de vreze voor Hem u voor ogen staat, opdat u niet zondigt (exodus 20b)”

Ruach HaKodesh ka’sher dibberHoly Spirit of Promise

Efeziërs 1:13-14 In Hem bent ook u, nadat u het Woord van de waarheid, namelijk het Evangelie van uw zaligheid, gehoord hebt; in Hem bent u ook, toen u tot geloof kwam, verzegeld * met de Heilige Geest van de belofte, Die het onderpand is van onze erfenis, tot de verlossing die ons ten deel viel, tot lof van Zijn heerlijkheid.

*) Romeinen 8:15; Want u hebt niet de Geest van slavernij ontvangen, die opnieuw tot angst leidt, maar u hebt de Geest van aanneming tot kinderen ontvangen, door Wie wij roepen: Abba, Vader!

2 Korinthe 1:22; Die ons ook verzegeld heeft en het onderpand van de Geest in onze harten gegeven heeft. 2 Korinthe 5:5; Hij nu Die ons hiervoor heeft gereedgemaakt, is God, Die ons ook het onderpand van de Geest gegeven heeft. Efeze 4:30; En bedroef de Heilige Geest van God niet, door Wie u verzegeld bent tot de dag van de verlossing.

Ruach Adonai Spirit of Adonai

Handelingen 5:9 Petrus zei tegen haar: Waarom toch hebt u met elkaar afgesproken de Geest van de Heere te verzoeken? Zie, de voeten van hen die uw man begraven hebben, zijn voor de deur en zullen u ook uitdragen.

 

 Ruach ElohimSpirit of God

Mattheus 3:16; En nadat Jezus gedoopt was, kwam Hij meteen op uit het water; en zie, de hemelen werden voor Hem geopend, en Hij zag de Geest van God als een duif neerdalen en op Zich komen.

Mattheus 12:28; Maar als Ik door de Geest van God de demonen uitdrijf, dan is het Koninkrijk van God bij u gekomen.

Romeinen 8:9; Maar u bent niet in het vlees, maar in de Geest, wanneer althans de Geest van God in u woont. Maar als iemand de Geest van Christus niet heeft, die is niet van Hem.

Romeinen 8:14; Immers, zovelen als er door de Geest van God geleid worden, die zijn kinderen van God.

Romeinen 15:19; … door de kracht van tekenen en wonderen en door de kracht van de Geest van God. Zo heb ik dan van Jeruzalem af en rondom, tot Illyricum toe, het Evangelie van Christus vervuld.

1 Korinthe 2:11; Want wie van de mensen kent de dingen van de mens dan de geest van de mens, die in hem is? Zo kent ook niemand de dingen van God dan de Geest van God.

1 Korinthe 2:14; Maar de natuurlijke mens neemt de dingen van de Geest van God niet aan, want ze zijn dwaasheid voor hem. Hij kan ze ook niet leren kennen, omdat ze geestelijk beoordeeld worden.

1 Korinthe 3:16; Weet u niet dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u woont?

1 Korinthe 7:40; Maar zij is gelukkiger, als zij zo blijft, naar mijn mening. En ik denk ook dat ik de Geest van God heb.

1 Korinthe 12:3; Daarom maak ik u bekend dat niemand die door de Geest van God spreekt, zegt: Jezus is een vervloekte. Ook kan niemand zeggen: Jezus is Heere, dan door de heilige Geest.

Efeziërs 4:30 En bedroef de heilige Geest van God niet, door Wie u verzegeld bent tot de dag van de verlossing.

1 Johannes 4:1-3; Geliefden, geloof niet elke geest, maar beproef de geesten of zij uit God zijn; want er zijn veel valse profeten in de wereld uitgegaan. Hieraan leert u de Geest van God kennen: elke geest die belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God; en elke geest die niet belijdt dat Yeshua Christus in het vlees gekomen is, is niet uit God; maar dat is de geest van de antichrist, waarvan u gehoord hebt dat hij komt, en die nu al in de wereld is.

 

 Ruach he-Chazon (ROO-akh he-khah-ZOHN) Spirit of Revelation

Efeziërs 1:17; opdat de God van onze Heere Yeshua Christus, de Vader van de heerlijkheid, u de Geest van wijsheid en van openbaring geeft in het kennen van Hem, …

 

Ruach Elohim Chayim (ROO-akh e-lo-HEEM KHAI-yeem) Spirit of the Living God

2 Korinthe 3:3 Het is immers openbaar geworden dat u een brief van Christus bent, door onze bediening opgesteld, geschreven niet met inkt, maar door de Geest van de levende God, niet op stenen tafelen, maar op tafelen van vlees, van de harten.

 

Ruach Adonai YHVH (ROO-akh a-do-NIGH a-do-NIGH) Spirit of the LORD, God

Lukas 4:18; De Geest van de Heere is op Mij, omdat Hij Mij gezalfd heeft; Hij heeft Mij gezonden om aan armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen wie gebroken van hart zijn,

Jesaja 61:1; De Geest van de Heere HEERE is op Mij, omdat de HEERE Mij gezalfd heeft om een blijde boodschap te brengen aan de zachtmoedigen. Hij heeft Mij gezonden om te verbinden de gebrokenen van hart, om voor de gevangenen vrijlating uit te roepen en voor wie gebonden zaten, opening van de gevangenis

Ruach Ha-Mashiach (ROO-akh ham-mah-SHEE-akh) Spirit of the Messiah

Romeinen 8:9; Maar u bent niet in het vlees, maar in de Geest, wanneer althans de Geest van God in u woont. Maar als iemand de Geest van Christus* niet heeft, die is niet van Hem.

  • Dit betekent niet “de gezindheid of de geest van Christus”, maar de Heilige Geest; hier “de Geest van Christus” genoemd, precies zoals Hij “de Geest des levens in Christus Jezus” wordt genoemd. Het is als “de Geest van Christus” dat de Heilige Geest bezitneemt van gelovigen, en daarin alle intrinsieke veranderingen inbrengt die in Hem zijn.

Ruach HaEmet (ROO-akh ha-E-met) Spirit of Truth

Johannes 15:26; Maar wanneer de Trooster is gekomen, Die Ik u zenden zal van de Vader, de Geest van de waarheid, Die van de Vader uitgaat, zal Die over Mij getuigen.

Ruach Ha-Chokhmah (ROO-akh ha-khokh-MAH) Spirit of Wisdom

Efeziërs 1:17 opdat de God van onze Heere Jezus Christus, de Vader van de heerlijkheid, u de Geest van wijsheid en van openbaring geeft in het kennen van Hem,

Ruach Yeshua (ROO-akh ye-SHOO-ah) Spirit of Yeshua/Jesus

 

Handelingen 16:6,7; En nadat zij door Frygië en het land van Galatië gereisd waren, werden zij door de Heilige Geest verhinderd het Woord in Asia te spreken. En bij Mysië gekomen, probeerden zij naar Bithynië te reizen, maar de Geest van Yeshua liet het hun niet toe.

 

Ruach Yeshua Meshicheinu (ROO-akh ye-SHOO-ah me-shee-KHAY-noo) Spirit of Yeshua our Messiah

Fillippenzen 1:19; Want ik weet dat dit mij tot zaligheid strekken zal, door uw gebed en de ondersteuning van de Geest van Jezus  Christus,

Ruach Adonai (ROO-akh ah-do-NIGH) Spirit of Adonai; breath of the LORD

Richteren 3:10; En de Geest van de HEERE was op hem en hij gaf leiding aan Israël en trok ten strijde. En de HEERE gaf Cusjan Risjataïm, de koning van Syrië, in zijn hand, zodat hij de overhand kreeg op Cusjan Risjataïm.

Richteren 6:34; Toen bekleedde de Geest van de HEERE Gideon. Hij blies op de bazuin, en Abiëzer werd achter hem bijeengeroepen.

Verder ook te vinden in Richteren 11:29; 13:25; 14:6; 14:19; 15:14; 1 Samuël 10:6; 10:10; 16:13,14; 23:2;1 Koningen 18:12; 22:24; 2 Koningen 2:16; 2 Kronieken 20:14

Jesaja 11:2; Want er zal een Twijgje opgroeien uit de afgehouwen stronk van Isaï, en een Loot uit zijn wortels zal vrucht voortbrengen. Op Hem zal de Geest van de HEERE rusten: de Geest van wijsheid en inzicht, de Geest van raad en sterkte, de Geest van de kennis en de vreze des HEEREN. Zijn ruiken zal zijn in de vreze des HEEREN. Hij zal niet oordelen naar wat Zijn ogen zien en Hij zal niet vonnissen naar wat Zijn oren horen. Hij zal de armen recht doen in gerechtigheid en de zachtmoedigen van het land zal Hij met rechtvaardigheid vonnissen. Maar Hij zal de aarde slaan met de roede van Zijn mond en met de adem van Zijn lippen zal Hij de goddeloze doden. Want gerechtigheid zal de gordel om Zijn heupen zijn, en de waarheid de gordel om Zijn middel.

Verder in: Jesaja 40:7, 13; 59:19; 61:1; 63:14; Ezechiël 11:5; Micha 2:7; 3:8.

Nieuwe Testament:

Lukas 4:18; De Geest van de Heere is op Mij, omdat Hij Mij gezalfd heeft; Hij heeft Mij gezonden om aan armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen wie gebroken van hart zijn,

Handelingen 5:9; Petrus zei tegen haar: Waarom toch hebt u met elkaar afgesproken de Geest van de Heere te verzoeken? Zie, de voeten van hen die uw man begraven hebben, zijn voor de deur en zullen u ook uitdragen.

Handelingen 8:39; En toen zij uit het water opgekomen waren, nam de Geest van de Heere Filippus weg; en de kamerheer (een eunuch) zag hem niet meer, want hij vervolgde zijn weg met blijdschap.

De Geest van de Heer griste Filippus weg, blijkbaar wonderbaarlijk, zoals voorgesteld door de daaropvolgende woorden. Filippus daagde op Ashdod. Ashdod is heden van dage één van Israëls drie havensteden, samen met Haifa en Eilat; Het ligt ongeveer 25 mijl ten zuiden van Tel Aviv.

En verder in 2 Korinthe 3:17,18.

Ha-RuachThe Spirit; wind; breath, soul, etc.

Romeinen 8:1 Dus is er nu geen verdoemenis voor hen die in Christus Jezus zijn, die niet naar het vlees wandelen, maar naar de Geest. [Deze woorden komen niet in alle Griekse handschriften voor.]

1 Korinthe 2:4 En mijn spreken en mijn prediking bestonden niet in overtuigende woorden van menselijke wijsheid, maar in het betonen van geest en kracht, …

1 Korinthe 2:11,12 Want wie van de mensen kent de dingen van de mens dan de geest van de mens, die in hem is? Zo kent ook niemand de dingen van God dan de Geest van God. En wij hebben niet ontvangen de geest van de wereld, maar de Geest Die uit God is, opdat wij zouden weten de dingen die ons door God genadig geschonken zijn.

2 Korinthe 1:22 Die ons ook verzegeld heeft en het onderpand van de Geest in onze harten gegeven heeft.

2 Korinthe 3(3,4,5)6(14,15) (Het is immers openbaar geworden dat u een brief van Christus bent, door onze bediening opgesteld, geschreven niet met inkt, maar door de Geest van de levende God, niet op stenen tafelen, maar op tafelen van vlees, van de harten*. Zo’n vertrouwen nu hebben wij door Christus op God. Niet omdat wij van onszelf bekwaam zijn iets te denken, als was het uit onszelf, maar onze bekwaamheid is uit God.) Hij heeft ons namelijk bekwaam gemaakt om dienaars van het nieuwe verbond te zijn, niet van de letter, maar van de Geest; want de letter doodt, maar de Geest maakt levend. (Maar hun gedachten werden verhard, want tot op heden blijft diezelfde bedekking bij het lezen van het Oude Testament, zonder te worden weggenomen.Die bedekking wordt tenietgedaan in Christus. Ja, tot op heden ligt er, wanneer Mozes gelezen wordt, een bedekking op hun hart.)

  • Spreuken 3:3 Mogen goedertierenheid en trouw jou niet verlaten. Bind ze om je hals, schrijf ze op de tafel van je hart,
  • Jeremia 31:33 Voorzeker, dit is het verbond dat Ik na die dagen met het huis van Israël sluiten zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven en zal die in hun hart schrijven. Ik zal hun tot een God zijn en zíj zullen Mij tot een volk zijn.
  • Ezechiël 11:19, 20a Ik zal hun één hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit hun vlees wegdoen en hun een hart van vlees geven, zodat zij in Mijn verordeningen gaan en Mijn bepalingen in acht nemen en die houden.
  • Ezechiël 36:26 Dan zal Ik u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit uw lichaam wegnemen en u een hart van vlees geven.

Galaten 3:2; Dit alleen wil ik van u vernemen: Hebt u de Geest ontvangen uit de werken van de wet, of uit de prediking van het geloof?

O dwaze Galaten, wie heeft u betoverd om de waarheid niet te gehoorzamen; u voor wie Jezus Christus eerder voor ogen is geschilderd alsof Hij onder u gekruisigd was? Dit alleen wil ik van u vernemen: Hebt u de Geest ontvangen uit de werken van de wet, of uit de prediking van het geloof? Bent u zo dwaas? U die met de Geest begonnen bent, gaat u nu eindigen met het vlees? Hebt u tevergeefs zoveel geleden? Als het toch eens tevergeefs was! Hij dan Die u de Geest verleent en krachten onder u werkt, doet Hij dat uit de werken van de wet, of uit de prediking van het geloof? Zoals Abraham God geloofde en het hem tot gerechtigheid werd gerekend. Begrijp dan toch dat zij die uit het geloof zijn, Abrahamskinderen zijn. En de Schrift, die voorzag dat God uit het geloof de heidenen zou rechtvaardigen, verkondigde eertijds aan Abraham het Evangelie: In u zullen al de volken gezegend worden. Daarom worden zij die uit het geloof zijn, gezegend samen met de gelovige Abraham. Want allen die uit de werken van de wet zijn, zijn onder de vloek. Er staat immers geschreven: Vervloekt is ieder die niet blijft bij alles wat geschreven staat in het boek van de wet, om dat te doen. En dat door de wet niemand gerechtvaardigd wordt voor God, is duidelijk, want de rechtvaardige zal uit het geloof leven. Maar voor de wet is het niet: uit geloof, maar: De mens die deze dingen doet, zal daardoor leven. Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek van de wet door voor ons een vloek te worden, want er staat geschreven: Vervloekt is ieder die aan een hout hangt, opdat de zegen van Abraham in Christus Jezus tot de heidenen zou komen, en opdat wij de belofte van de Geest zouden ontvangen door het geloof. Broeders, ik spreek op menselijke wijze: Zelfs een verbond van mensen dat rechtsgeldig is geworden, stelt niemand terzijde of voegt daar iets aan toe. Welnu, zo zijn de beloften aan Abraham en aan zijn nageslacht gedaan. Hij zegt niet: En aan de nageslachten, alsof er sprake zou zijn van velen; maar van één: En aan uw Nageslacht; dat is Christus.

Dit nu zeg ik: Het verbond, dat eertijds door God rechtsgeldig was gemaakt met het oog op Christus, wordt door de wet, die na vierhonderddertig jaar gekomen is, niet krachteloos gemaakt om de belofte teniet te doen. Want als de erfenis uit de wet is, is zij niet meer uit de belofte; maar aan Abraham heeft God die door de belofte genadig geschonken. Waartoe dient dan de wet? Zij is eraan toegevoegd omwille van de overtredingen, totdat het Nageslacht zou gekomen zijn aan Wie het beloofd was; en zij is door engelen in de hand van de middelaar beschikt. En de middelaar is niet middelaar van één partij, maar God is één. Is dan de wet in strijd met de beloften van God? Volstrekt niet! Want als er een wet gegeven was die in staat was levend te maken, dan zou de gerechtigheid werkelijk uit de wet zijn. Maar de Schrift heeft alles onder de zonde opgesloten, opdat de belofte aan de gelovigen gegeven zou worden door het geloof in Jezus Christus. Voordat het geloof echter kwam, werden wij door de wet bewaakt, als gevangenen opgesloten, totdat het geloof geopenbaard zou worden. Zo is dan de wet onze leermeester geweest tot Christus, opdat wij uit het geloof gerechtvaardigd zouden worden. Maar nu het geloof gekomen is, zijn wij niet meer onder een leermeester. Want u bent allen kinderen van God door het geloof in Christus Jezus. Want u allen die in Christus gedoopt bent, hebt zich met Christus bekleed. Daarbij is het niet van belang dat men Jood is of Griek; daarbij is het niet van belang dat men slaaf is of vrije; daarbij is het niet van belang dat men man is of vrouw; want allen bent u één in Christus Jezus. En als u van Christus bent, dan bent u Abrahams nageslacht en overeenkomstig de belofte erfgename