Heilige grond

Heilige grond

Heilige grond 440 114 VISFER

Gerelateerde afbeelding

Jozua 5: 13-15 De Bevelhebber van het leger van de HEERE – “Het gebeurde, toen Jozua bij Jericho was, dat hij zijn ogen opsloeg en zag, en zie, er stond een Man voor hem met een getrokken zwaard in Zijn hand. Jozua ging naar Hem toe en zei tegen Hem: Hoort U bij ons of bij onze tegenstanders? Hij zei: Nee, maar Ik ben de Bevelhebber van het leger van de HEERE. Nu ben Ik gekomen. Toen wierp Jozua zich met het gezicht ter aarde, boog zich neer en zei tegen Hem: Wat wil mijn Heere tot Zijn dienaar spreken? Toen zei de Bevelhebber van het leger van de HEERE tegen Jozua: Doe uw schoenen van uw voeten, want de plaats waarop u staat, is heilig. En Jozua deed dat”.

Hier verschijnt een bovennatuurlijk wezen dat zichzelf “de bevelhebber van het leger van de HEERE” noemt, in een gebeurtenis die verbazing oproept. Wat is hier aan de hand?

Om deze gebeurtenis in een juist perspectief te kunnen plaatsen en deze schijnbaar vreemde gebeurtenis in het boek Jozua beter te kunnen begrijpen, moeten we een paar bijbelbronnen raadplegen.

Eerst kijken we naar de directe context van deze passage. Je zou verwachten dat de tekst voorafgaand aan deze verzen gericht zou zijn op militaire bereidheid; in plaats daarvan vinden we instructies voor een rituele wijding: de besnijdenis in Jozua 5: 2-9 en de Pascha viering in Jozua 5: 10-12. De ontmoeting met de bevelhebber van de Heere vindt plaats vlak voordat de strijd om Jericho gaat beginnen, het leger is dus waarschijnlijk al voorbereid. Deze reeks gebeurtenissen – de besnijdenis, het Pascha, de bevelhebber van de Heere en de strijd om Jericho – verschijnt zonder uitleg van de betekenis ervan of een onderling verband. De bijbelverteller verwacht dat er actief geluisterd wordt en dat men zelf het verband gaat zien.

Nauwgezet de tekst lezen en commentaren raadplegen kan ons helpen de Bijbelse parallellen te zien. Soms moeten we terugkijken om deze verbanden te vinden. We weten dat Jozua na de dood van Mozes de Israëlieten ging leiden. De passage met het bevel aan Jozua – “Doe uw schoenen van uw voeten, want de plaats waarop u staat, is heilig” (vers 15) – herinnert ons aan de ontmoeting van Mozes bij de brandende braamstruik in Exodus 3: 1-6. Daar gebiedt God Mozes: “Kom hier niet dichterbij. Doe uw schoenen van uw voeten, want de plaats waarop u staat, is heilige grond”. (Exodus 3: 5). Deze Exodus gebeurtenis is Mozes zijn eerste ontmoeting met God en zal een keerpunt blijken te zijn op de weg om de leider van Gods volk te worden.

Dit wetende, kunnen we het belang van Jozua’s ontmoeting met de bevelhebber van de Heer beter onderzoeken en begrijpen. Joshua wijst hier nadrukkelijk op heiligheid in heel het boek Joshua en in het bijzonder Jozua 5. Het betreft hier een belangrijk aspect van de voorbereiding op de strijd om Jericho dat eerder spiritueel dan militair is. De mensen worden geestelijk voorbereid door de besnijdenis en door de herinnering aan het Pascha (Jozua 5: 2-9, 10-12).

In Jozua 5: 13-15 verschuift de aandacht van de Israëlieten naar hun leider, Jozua, gereed om de strijd aan te binden. Hij ziet de man met een getrokken zwaard voor hem staan en hij stelt een hem een vraag: “Hoort U bij ons of bij onze tegenstanders?” Het antwoord is bijzonder: Het antwoord is “Nee”, een beter vertaling zou zijn “geen van beide.” Hij zegt wie Hij is: “Ik ben de Bevelhebber van het leger van de HEERE. Nu ben Ik gekomen.” Hij geeft Jozua vitale, gezaghebbende informatie:

  1. Gods agenda gaat verder dan alleen voor of tegen Israël te zijn
  2. Hij zegt dat Jozua op heilige grond staat.

Wie is deze Bevelhebber van de Heere? Is hij God of is het een engel? We willen meer over Hem weten, maar zijn reactie verplaatst onze aandacht terug naar de context van de gebeurtenis, niet het antwoord op onze vraag. De Bevelhebber van de Heere biedt een geestelijk antwoord op een militaire vraag; hij wijst naar de heilige status van het beloofde land.

Deze ontmoeting is het hoogtepunt in Gods voorbereiding voor Jozua en de Israëlieten om het beloofde land binnen te gaan. Samen met andere geestelijke voorbereidingen geeft het aan dat Gods agenda van het grootste belang is. Joshua en zijn leger zullen alleen succes vinden als ze die agenda omarmen.

Deze passage laat de Bijbelse waarden zien in plaats van het vertellen van een verhaal. Op dit belangrijke moment confronteert God de leider van Israël met ZIJN heiligheid en ZIJN claim op het land. Wanneer Jozua geconfronteerd wordt met de Bevelhebber van de Heere, wordt hij gewezen op de kwestie van Heiligheid in zijn leiderschap – of hij nu voor de Heere of tegen hem is. Dit moment in Jozua’s leiderschap en de belangrijke momenten in ons eigen leven dwingen ons tot onderzoek: dat er gehandeld moet worden in eerbied en loyaliteit aan God.